Chef de Dossier is zegen voor vakspecialist

Chef de Dossier is
zegen voor vakspecialist

Op www.gemeente.nu stelt Friso de Zeeuw dat de universele ambtenaar een ramp is voor de lokale overheden. Om niet in de marge terecht te komen is zijn pleidooi om de vakinhoudelijke expertise voor het ruimtelijke domein te behouden binnen het gemeentehuis. 

Omgevingswet is een reactie
De Omgevingswet is een reactie op twee ontwikkelingen. Ten eerste is de wetgeving  te ingewikkeld geworden. Op Platform 31 is een kwantitatief overzicht opgenomen van de artikelen en AMvB’s (http://www.platform31.nl/wat-we-doen/kennisdossiers/kennisdossier-omgevingswet/waarom-een-nieuwe-omgevingswet ). Niet raar dat je voor zo’n complexe wetgeving op landelijk niveau zoveel vakspecialisten op lokaal niveau nodig hebt. Niet iets waar de samenleving om vraagt. Maar waar de rijksoverheid om vraagt.

Een nog veel belangrijkere ontwikkeling is die van de burgeremancipatie. Een kwalitatieve overheid laat zich in zijn strategische keuzes leiden door wat er in zijn omgeving gebeurt. De Omgevingswet is zo’n strategische keuze. Michael Porter pleit daar al decennia lang voor!

De RO praktijk
Wat was de praktijk van RO tot nu toe en welke praktijk heeft men voor ogen onder het regime van de nieuwe Omgevingswet?

De praktijk was dat de vakspecialist op het gemeentehuis de kennis en daarmee de macht had. Ruimtelijke initiatieven worden aan hem voorgelegd en door hem in gang gezet. Voor burgers is er inspraak. Door veel burgers ervaren als een avond op het gemeentehuis waar “nog één keer wordt uitgelegd waarom het zo’n goed plan is”. De vakspecialist was dus verantwoordelijk voor de inhoud van het voorstel – en dat is logisch want daar ben je vakspecialist voor. Én verantwoordelijk voor het creëren van draagvlak voor zijn eigen voorstel. Ook logisch want de burger is geëmancipeerd en laat zich niet (langer) alles aanleunen wat op het gemeentehuis ruimtelijk wordt bedacht. “Een woontoren in een landelijke gemeente is misschien toch niet zo’n heel goed idee”.

En daar gaat het dus fout, want een voorstel waar je lang met hart en ziel aan gewerkt hebt en waar je trots op bent, laat je niet zo maar amenderen door “burgers zonder verstand van zaken”. Een typisch geval van vermengen van rollen en dus hinken op twee gedachten.

De Procesbegeleider
Het is mooi als de nieuwe Omgevingswet een nieuwe driehoek oplevert. Waarbij de vakspecialist, die niet persé ambtenaar hoeft te zijn, uit de spagaat wordt gehaald door alleen maar verantwoordelijk te zijn voor de inhoud. En waarbij de burger wordt uitgedaagd om niet reactief vanuit de luie leunstoel, maar actief te participeren in ruimtelijke ontwikkelingen. Want dat is wat de geëmancipeerde burger terecht wil als hij in zijn belang wordt geraakt. En waarbij een nieuwe rol wordt geïntroduceerd. Die van Chef de Dossier of Procesbegeleider die wél per sé ambtenaar moet zijn omdat dit het nieuwe primaire proces voor gemeenten is. Geen intellectuele babbelaars die zichzelf verbinder noemen. Maar “civil servants” anno 2016 die een groot hart hebben voor het openbaar bestuur én de lokale gemeenschap. De schakel tussen gemeentehuis en samenleving. Iemand die in staat is om de clash van belangen in de samenleving te regisseren via een proces dat kan rekenen op politiek, bestuurlijke steun . Met de bijbehorende politieke kaders voor het vraagstuk. Want in de samenleving gebeurt het; niet op het gemeentehuis.

Rolvast
Dit is geen warm pleidooi om de vakinhoudelijke expertise in het ruimtelijk domein over boord te zetten. Dit is een warm pleidooi om de rolvermenging en dus -vervuiling te staken.
Share by: